Maintenance Valley

Samenvatting van de studie

“Maintenance Valley 2008: Nu of nooit

Onderzoek naar een optimale invulling en taakverdeling van de Maintenance Valley (MV) initiatieven

MV is het gezamelijke initiatief van betrokken partijen om de Nederlandse positie in de internationale MRO-wereld te versterken. Het Ministerie van Economische Zaken en het Ministerie van Defensie hebben hierin een bijzondere verantwoordelijkheid van overheidswege. De initiatieven die zijn ontplooid sinds de start van Maintenance Valley in 2005 hebben geleid tot clusters van vliegtuig MRO activiteiten en ambities in de regio’s Schiphol, Zuidwest Nederland en Maastricht. Stratelligence heeft in opdracht van de Stuurgroep Maintenance Valley in de periode van mei tot augustus 2008 een studie uitgevoerd met als doel vast te stellen:

- wat de huidige activiteiten en ambities van bedrijfsleven, opleidingen
en bestuurlijke organen van de drie betrokken regio’s zijn;

- Of voor het bereiken van de regionale en nationale ambities m.b.t. vliegtuig MRO regionale of nationale regie/samenwerking nodig of wenselijk is; en

- Hoe deze regie en/of samenwerking kan worden ingevuld.

Dit onderzoek beveelt aan op basis van de uitkomsten te bezien hoe Nederland zich internationaal sterker kan profileren op verschillende deelmarkten van zowel civiel als militair vliegtuigonderhoud. Het onderzoek is gebaseerd op interviews en desk research.

De MRO Markt

De MRO markt is volop in beweging. Met name de vraag naar civiel MRO groeit sterk, maar Nederland profiteert daar nauwelijks van. Mede als gevolg van een toegenomen kostenbewustzijn bij vliegtuiggebruikers en een tekort aan beschikbaar personeel staat de concurrentiepositie van Nederland als MRO land onder druk vergeleken met landen met lagere loonkosten (voor arbeidsintensief onderhoud) en Dollar landen (voor materiaalintensief onderhoud). De huidige MRO-ontwikkelingen bij de Nederlandse luchtvaartindustrie en de MRO initiatieven in omringende landen stimuleren de MRO positie van Nederland niet en zorgen eerder voor een verzwakking.

Op dit moment is Schiphol succesvol in het aantrekken van logistieke dienstverlening met betrekking tot MRO. Landingsbaangebonden MRO activiteiten vinden, met uitzondering van de ondersteuning van de KLM Group thans niet plaats. Voor het ontwikkelen van nieuwe MRO bedrijvigheid zowel civiel als militair is in Zuidwest Nederland het ‘World Class Maintenance’ Initiatief in het leven geroepen. Voor wat betreft de ontwikkeling van militaire MRO vormt het Logistiek Centrum Woensdrecht, na KLM de grootste MRO-werkgever in Nederland met een omzet van meer dan M€ 200, de kern van dit initiatief. Maastricht (vooral regionale toestellen en kleinere civiele luchtvaart via Maintenance Boulevard) is deels concurrerend met de landingsbaangebonden ambities op het terrein van de regionale vliegtuigen en business jets. Concrete resultaten in de vorm van nieuwe activiteiten voor de regio’s zijn vooralsnog beperkt. Tussen verschillende actoren is wel onderlinge samenwerking op bescheiden schaal. een voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen verschillende bedrijven aangesloten bij (en onder aanvoering van) de NAG (Netherlands Aerospace Group) en Defensie in het kader van de verkoop van F-16’s aan Chili.

MRO Opleidingen

Wereldwijd bestaat een structureel tekort aan vliegtuigonderhoudspersoneel, zo ook in Nederland. Groei van de uitstroom van gediplomeerde leerlingen is een voorwaarde voor groei van de MRO sector.

In alle drie de regio’s bestaan initiatieven voor versterking en uitbreiding van bestaande MBO opleidingen voor vliegtuigonderhoud. Gezien hun regionale bereik en de grote vraag naar gediplomeerde leerlingen is van onderlinge concurrentie nauwelijks sprake. Samenwerking en kennisuitwisseling tussen de scholen kan juist synergievoordelen opleveren bijvoorbeeld bij het verkrijgen van Part-147 certificatie. De basisopleidingen voor vliegtuigonderhoudtechnici aan de ROC’s zijn (nog) niet gecertificeerd waardoor zij afhankelijk zijn van samenwerking met één van de twee private opleidingen, AMTS en VTOC, die wel Part-147 gecertificeerd zijn. De regionale ambities voor het versterken van HBO en WO opleidingen kunnen wel concurrerend worden indien deze niet goed worden afgestemd.

Analyse, Bevindingen en Barrières Maintenance Valley

Een aantal factoren draagt bij aan het geringe succes tot nu toe in het bereiken van de Maintenance Valley doelstellingen:

  • De MV initiatieven concentreren zich nu voor een belangrijke mate op arbeidsintensief landingsbaangebonden onderhoud. Nederland is echter kansrijk en beter gepositioneerd op het gebied van componenten en motorenonderhoud, en op niches zoals duurzaam MRO en MRO van composieten. Deze markten passen bij huidige Nederlandse sterkten (ook op gebied van logistiek en financiering), zijn groeimarkten en minder arbeidsintensief.
  • De MRO industrie in Nederland wordt minder ondersteund door overheden dan in het (concurrerende) buitenland. Dit leidt in een aantal gevallen tot een “Non-Level Playing Field”.
  • De bestaande initiatieven van de regio’s Zuidwest Nederland en Maastricht zijn vooral gericht op het verbeteren en clusteren van het huidige MRO-aanbod, en besteden relatief weinig aandacht aan het ontwikkelen van nieuwe activiteiten om buitenlands MRO werk aan te trekken.
  • Coördinatie en samenwerking tussen de drie regio’s is onvoldoende, waardoor Nederland zich naar buiten toe niet krachtig profileert en in sommige gevallen onderlinge concurrentie is ontstaan.
  • Het MKB heeft moeite om zelfstandig nieuwe business te generen; grote partijen als KLM en Fokker Services zijn niet of nauwelijks bij de huidige initiatieven betrokken.
  • Incongruenties in beleid, regelgeving en betrokkenheid van de ministeries van V&W, EZ, OC&W, Defensie en VROM versterken bovenstaande problemen of zorgen dat zij moeilijk worden opgelost.
  • Daarnaast is de huidige MV organisatie niet ingericht op het creëren van de condities die het mogelijk maken de MRO ambities te realiseren.

Het opheffen van deze barrières vraagt nationale coördinatie; Het afstemmen van beleid van verschillende ministeries, het aanhaken van grote partijen, het ontwikkelen van een nationaal vlekkenplan gebaseerd op een analyse van de Nederlandse concurrentiepositie en het daarmee oplijnen van de verschillende gefragmenteerde regionale initiatieven kunnen niet zonder een nationale en neutrale inbreng. Snelheid is daarbij geboden omdat het vertrouwen in MV al beperkt is en de concurrentie niet stil zit.

Conclusies en Aanbevelingen

Om de kansen op het gebied van aerospace MRO wel te verzilveren en de Nederlandse vliegtuig MRO positie te versterken, is een betere nationale coördinatie van de huidige regionale initiatieven vereist. Deze initiatieven moeten zich sterker richten op acquisitie in het buitenland (“vergroten van de taart”) dan op het versterken en verdelen van het huidige aanbod (“verdelen van de taart”).

Vanwege het beperkte vertrouwen in het MV concept, de huidige MV organisatie en tussen partijen onderling is het essentieel snel een aantal resultaten te boeken. Mogelijkheden lijken te liggen op het terrein van opleidingen, benutten van offset en een goede inventarisatie van vraaggedreven business opportunities voor Nederland. Voor een krachtige positionering van Nederland in het buitenland is het noodzakelijk dat een nationaal “vlekkenplan” wordt ontwikkeld, waarbij de grootse civiele MRO partijen in Nederland - KLM E&M en Fokker Services – zich ook weer aansluiten. Ook binnen de militaire MRO moeten - hoewel Defensie aangehaakt is - zaken zoals het aantrekken van het JSF onderhoudscentrum, de taakverdeling aangaande helikopteronderhoud en beleid met betrekking tot Publiek Private Samenwerking, worden gestroomlijnd om MV speerpunten te realiseren.

Het instellen van een permanent “programmabureau” dat zorgt voor het richten van de MRO ambities en initiatieven, projecten initieert en beheert, en als liaison tussen de departementen functioneert, lijkt noodzakelijk om de doelstellingen te kunnen realiseren.

Echter, de window of opportunity om deze aanbevelingen op te pakken en kansen te verzilveren sluit zich; of nu te handelen, of het is niet meer nodig.


 

Een vriend attenderen op de inhoud van deze pagina
Vul de onderstaande vakken in: